Het wereldkampioenschap voetbal domineert het nieuws. We hebben opnieuw heel wat fraaie goals gezien, maar ook harde tackles en spelers die van het veld moesten worden gedragen. Maar hoe zit dat dan in dergelijke situaties? Moet de tackelende speler een schadevergoeding betalen voor de letselschade die de andere voetballer heeft opgelopen? We bespreken de aansprakelijkheid bij sport en spel in Nederland.
Voetballers zijn minder snel aansprakelijk
Laat het vooral duidelijk zijn dat deelnemers aan een sportwedstrijd in een bijzondere rechtsverhouding staan ten opzichte van elkaar. Zeker bij een contactsport als voetbal is er minder snel sprake van een onrechtmatigheid. Spelers mogen namelijk tot op een zekere hoogte gevaarlijke gedragingen verwachten en dit in beide richtingen. Bij voetbal kan je bijvoorbeeld een pijnlijke tackle verwachten of een botsing met de keeper. Bij tennis kan je dan weer verwachten dat er bijvoorbeeld een bal op je lichaam inslaat.
De inbreuk op een spelregel, zelfs als deze is geschreven om de speler te beschermen, zal niet automatisch in een onrechtmatige gedraging resulteren. Het is niet omdat een voetballer een spelregel verbreekt en daarbij letselschade veroorzaakt dat hij een schadevergoeding moet betalen. Er moet een soort van grove schending zijn, iets wat het in de desbetreffende sport als acceptabel beschouwde overschrijdt. De reden hiervoor is dat het overtreden van spelregels bij de meeste sporten eigenlijk de gewoonste zaak van de wereld is. Neem bijvoorbeeld de wedstrijd Senegal – Nederland, waarbij elke ploeg 13 overtredingen maakte en er drie gele kaarten werden uitgedeeld. Net als enig contact mogen spelers dus verwachten dat bepaalde spelregels worden overtreden.
Onacceptabel gedrag en de aansprakelijkheid van een voetballer
De grens wordt daarom getrokken bij het gedrag die een voetballer niet behoeft te verwachten. De mate van hardheid overstijgt wat binnen de sport acceptabel is. De overtreding zal in principe zo ernstig zijn dat de scheidsrechter de speler van het veld zal sturen. Als een speler in de dynamiek van de wedstrijd een onvoorzichtige tackle uitvoert en daarbij een tegenstander verwondt, zal hij dus niet zomaar aansprakelijk zijn voor de letselschade. Dat is bijvoorbeeld anders bij de Zidane-kopstoot, de gebeurtenis waarbij de Franse voetballer Zinédine Zidane tijdens de finale van het wereldkampioenschap voetbal in 2006 een kopstoot uitdeelde aan zijn Italiaanse tegenstander. Dat is natuurlijk iets wat de tegenstander niet hoort te verwachten.
Als vaststaat dat een speler onrechtmatig heeft gehandeld en deze onrechtmatigheid hem kan worden verweten, moet eventueel ook rekening worden gehouden met een vorm van eigen schuld. Dat je deelneemt aan een risicovolle sport, is op zich nog niet voldoende om van eigen schuld te spreken. Uitdagend gedrag, een andere speler beledigen of zelf eerst onrechtmatig handelen, kan wel in eigen schuld resulteren.
Einde van de speciale status van de voetballer
De beschermde status van de voetballer eindigt over het algemeen bij het laatste fluitsignaal. De wedstrijd is dan afgefloten. Bij voetbal is het namelijk duidelijk wanneer de wedstrijd eindigt. Als er nadien in de catacomben nog een opstootje en een vechtpartij ontstaat, zal de voetballer dus wel aansprakelijk zijn als hij letselschade veroorzaakt. Hij moet dan een schadevergoeding betalen.